Wat doe je als je paard gewond is?

Wat doe je als je paard gewond is?

10 maart 2026

Je haalt je paard uit de paddock en schrikt. Oh nee, een flinke jaap aan zijn voorbeen! Misschien een trap van een enthousiast speelmaatje … Nog een voorbeeld: bij het uitladen glijdt je paard uit op de klep van de trailer en valt. Gevolg: een snee op het pijpbeen die behoorlijk bloedt. Zomaar twee situaties die je kunt tegenkomen als je met paarden te maken hebt. Het is dus verstandig om iets te weten over Eerste Hulp Bij Ongelukken (EHBO). Yorinça Tijsma is als docent verbonden aan Paard Mens Onderwijs, het expertisecentrum voor kennis & educatie in de hippische sector. Op de HK gaf ze een praktische clinic, waarbij de deelnemers zelf aan de slag gingen met het aanleggen van verschillende beenverbanden op kunststof voor- en achterbenen.

Spoed of niet?

‘Op het moment dat je hebt vastgesteld dat je paard gewond is, moet je inschatten hoeveel spoed er is’, begint Tijsma. ‘Is er ‘slechts’ de wond of speelt er meer, bijvoorbeeld een infectie? Je kunt de ernst van de situatie inschatten door onder andere te controleren hoeveel bloedverlies er is, hoe diep en hoe vuil de wond is. Daarnaast is het van belang dat je de normaalwaarden bij een paard checkt. Eerst check je de ademhaling (normaal: 8 à 14 keer per minuut bij rust), dan de pols (normaal: 28 tot 40 hartslagen per minuut) en tenslotte de temperatuur (normaal: 37,5 tot 38,2 graden). De dierenarts hiernaar vragen. Een verhoging in de waarden vertelt je iets over de toestand van het paard, hoeveel pijn het eventueel heeft of er sprake is van een (beginnende) infectie.

Schoonmaken en afdekken

‘Net zo belangrijk als wat je moet doen totdat de dierenarts er is, is wat je níet moet doen bij verwondingen’, vertelt Tijsma. ‘Ten eerste verwijder je het ergste vuil uit de wond om infectie te voorkomen. Dat doe je het liefst door middel van uitspoelen met lauw water. Is er alleen koud water, prima. Blijf niet eindeloos spoelen; vuil dat zich niet gemakkelijk laat verwijderen, vraagt altijd een extra check door een dierenarts. Hij of zij kan eventueel onder verdoving al het vuil verwijderen. Een schone wond dek je af met steriel gaas en verband, al dan niet nadat die door je dierenarts gehecht is.’

Veelvoorkomende wonden

De volgende soorten wonden komen vaak voor.

  1. Schaafwonden, waarbij slechts de opperhuid beschadigd is. Is het vuil eruit, dan eventueel ontsmetten met Betadine en zo nodig insmeren met wondzalf.

  2. Snij- of scheurwonden, waarbij de huid door is en vaak ook vlees beschadigd is. Is de wond dieper dan 2 à 3 millimeter, dan zal er gehecht moeten worden. Je kunt de wond schoonspoelen met water, maar gebruik geen middelen zoals wondspray of Betadine, omdat de wondranden dan niet meer goed gehecht kunnen worden.

  3. Steekwonden. Steekt het voorwerp nog in de wond, haal het er dan voor de zekerheid niet uit, om onderliggende structuren niet aan te tasten. Overleg met je dierenarts hoe verder te handelen. Gaat het om een voorwerp in de hoef omdat het paard ergens in getrapt heeft, dan moet dat zo goed mogelijk verwijderd worden. Het paard zal immers bij elke stap het voorwerp steeds dieper in de wond drukken.

Verbinden van het been

Voor een beenverband heb je nodig:

  1. Steriel verbandgaas.

  2. Polstermateriaal. Gamgee-wondverband heeft hydrofiel gaasmateriaal aan de buitenkant en watten aan de binnenkant, waardoor die dus nooit gaan plakken aan de wond. Handig voor in de EHBO-kist!

  3. (Zelfklevend) verband om het polstermateriaal te fixeren.

Het aanleggen van een verband kan tweeledig zijn: in de eerste plaats kan het nodig zijn de wond af te dichten totdat de dierenarts er is. In de tweede plaats kan het nodig zijn de wond na behandeling schoon en droog te houden om de genezing te bevorderen. Dat gebeurt met een verband dat de druk op het been verdeelt, zonder het paard te belemmeren in zijn beweging. Bij het verbinden begin je onderaan, om tegen de bloedsomloop in naar boven te zwachtelen. Eerst rol je het verband twee keer rond het been, onder het gewricht, waarna je telkens over de voorkant van het gewricht omhoog rolt, twee vingers hoger dan de vorige slag, in een achtjes-beweging. Er ontstaat dan een visgraatmotief, dat zorgt voor stevigheid waardoor het verband niet afzakt, maar ook niet knelt. Zorg dat je de delen van het gewricht die scharnieren, vrij laat.

Vaak lijken verwondingen ernstiger dan ze zijn. Toch is een zorgvuldige behandeling essentieel, want zelfs het kleinste wondje kan grote gevolgen hebben!